rasinformatie van de Japanse Spaniel


sluit venster

Japanse Spaniel

Geschiedenis

De Japanse Spaniel (of de Chin Chin, Tchin-Tchin) ontstond eigenlijk in China, waar hij in aristocratische luxe leefde. Zijn beeltenis is terug te vinden op de nog bestaande aantekeningen van oude Chinese tempels, oud aardewerk en borduurwerk. Hij kwam in Japan terecht als geschenk aan de keizer. 'Chin' betekent in het Japans 'behorend tot het koningshuis'; een mooie naam voor zo'n oud ras. De Japanse fokkers verdienen echter alle eer voor het eeuwen geleden perfectioneren van deze hondjes. Ze slaagden er zelfs in exemplaren te fokken die zo klein waren dat de adellijke dames tijdens hun wandelingetje de kleine Spaniel in de wijde mouw van hun kimono konden meenemen. In AziŽ kreeg de Engelse commodore Perry deze honden ten geschenke, waarop hij ze aan koningin Victoria aanbood. Zij was dol op deze hondjes. Ze hebben een lange, gladharige, overvloedige, bonte vacht en lijken op hun verre neven, de Mopshond en de Pekingees. Chins zijn elegante hondjes, die erg aanhankelijk en trouw zijn. Ze vinden het leuk om in het middelpunt van de belangstelling te staan. Ze houden van spelen, maar worden niet graag als speelgoed behandeld! Ze kunnen gemakkelijk op een flat gehouden worden en ze kunnen zelfs leren hun behoefte in een kattenbak te doen.


Sociale aanleg

Japanse Spaniels zijn geen moeilijke honden en kunnen het dan ook prima vinden met kinderen, katten en andere honden. Het spreekt voor zich dat een hondje van deze afmeting niet goed tegen een al te ruwe behandeling van grotere honden of kinderen is bestand. Een Japanse Spaniel zal niet snel bijten.


Karakter

Vrolijk, intelligent, levendig.


Opvoeding

Als je rekening houdt met zijn eigenwijze karakter, zal de opvoeding van deze hond vrijwel probleemloos verlopen. Japanse Spaniels zijn in de regel snel zindelijk.


Beweging

Rennen, ravotten en spelen, daat houdt dit ras van. Sommigen beweren ook dat ze goed kunnen klimmen. Op een flat zullen ze zich prima op hun gemak voelen en je kan ze zelfs aanleren hun behoefte op een kattenbak te doen. Zorg er in dat laatste geval wel voor dat ze voldoende beweging in de frisse buitenlucht krijgen.


Trainingen/hondensporten




Beharing

Lang, recht, zacht, zijdeachtig, kort op het hoofd, goede bevedering.


Verzorging

De prachtige vacht klit gelukkig niet erg snel en daardoor is twee keer per week borstelen en kammen voldoende. Om de vacht mooi wit te houden, moet je dit hondje zo nu en dan wassen. Houd de gehoorgang schoon en maak de gezichtsplooien zo nu en dan schoon met zuurvrije vaseline, om donkere verkleuringen tegen te gaan.


Bijzonderheden




sluit venster